De Wet Arbeidsmarkt in balans (WAB) in 10 punten

De Wet Arbeidsmarkt in balans (WAB) in 10 punten

Minister Koolmees wil werkenden meer zekerheid bieden, maar vindt ook dat flexwerk mogelijk moet blijven. Hij heeft die voornemens vastgelegd in de nieuwe Wet arbeidsmarkt in balans (WAB). De wet moet komende zomer door de Tweede Kamer worden behandeld.

De nieuwe wetstekst wordt nu online ter consultatie aangeboden. Dat houdt in dat iedereen commentaar kan leveren op de inhoud. De minister wil de wet voor de zomer naar de Raad van State, waarna het ter behandeling naar de Tweede Kamer kan. Dit zijn de 10 hoofdpunten uit de Wet Arbeidsmarkt in balans (WAB).

1. Eenvoudiger ontslag
Ontslag wordt mogelijk als er sprake is van een optelsom van omstandigheden (cumulatiegrond) in plaats van volledig te voldoen aan één van de acht ontslaggronden. De mogelijke transitievergoeding voor een werknemer als  de cumulatiegrond gebruikt wordt voor het ontslag stijgt.

2. Ketenbepaling weer terug naar 3 jaar
Nu is het mogelijk om aansluitend drie contracten in twee jaar te aan te gaan. Dit gaat terug naar drie jaar.

3. Transitievergoeding vanaf dag 1
Werknemers krijgen vanaf hun eerste werkdag recht op een transitievergoeding. Dat geldt ook tijdens de proeftijd.

4. Lagere transitievergoeding bij lang dienstverband
De opbouw van de transitievergoeding wordt verlaagd bij lange dienstverbanden.

Bedrijfsbeëindiging kleine werkgevers
Er komt een regeling voor kleine werkgevers om de transitievergoeding te compenseren als ze hun bedrijf moeten beëindigen wegens pensionering of ziekte. Dit wordt verder uitgewerkt in aanvullende regelgeving.

5. Langere proeftijd vast contract
De proeftijd voor vaste contracten wordt verlengd van twee maanden naar vijf maanden.

6. Ketenbepaling weer terug naar 3 jaar
Nu is het mogelijk om aansluitend drie contracten in twee jaar te aan te gaan. Dit gaat terug naar drie jaar.

7. Onderbreking tussen contracten verkorten per cao
De onderbreking tussen een tijdelijke contracten mag per cao worden verkort van zes naar drie maanden als er sprake is van terugkerend tijdelijk werk. Dat tijdelijk werk mag dan maximaal negen maanden per jaar kan worden gedaan. Er komt ook een uitzondering in de ketenbepaling voor invalkrachten in het primair onderwijs.

8. Nadruk op gelijke rechten payrollers
Werknemers die op payrollbasis werken, krijgen dezelfde arbeidsvoorwaarden als de werknemers die in dienst zijn bij de opdrachtgever, met uitzondering van pensioen waar een eigen regeling voor geldt.

9. Oproepkracht hoeft niet altijd beschikbaar te blijven
Er worden maatregelen genomen om verplichte permanente beschikbaarheid van oproepkrachten te voorkomen. Zo moet een werknemer minstens vier dagen van tevoren worden opgeroepen door de werkgever. Ook houden oproepkrachten recht op loon als het werk wordt afgezegd. De termijn van vier dagen kan bij cao worden verkort tot één dag.

10. Lagere WW-premie voor vaste werknemers
De ww-premie voor werkgevers daalt als ze een werknemer een vaste baan aanbieden en geen tijdelijk contract.

Bron: Rijksoverheid.nl


Lees verder:
‘Vertrouwen in Rutte III? Dat is lastig te zeggen, want qua visie op de arbeidsmarkt is het regeerakkoord vlees noch vis. Vast wordt wat minder vast en flex iets minder flex.’ Roger Holtus is niet onder de indruk van kabinet Rutte III.